“In Berlin by the wall
you were five foot ten inch tall
It was very nice
Candlelight and Dubonnet on ice”
Zong Lou Reed op 'Berlin'. Eén van mijn meest favoriete platen ooit.
Er is veel gedoe geweest over die plaat. In eerste instantie geflopt, na het succesvolle 'Transformer'; donker,… te donker volgens velen. En Lou Reed in de rol van meesterlijke observator. Je hoort hem als het ware zijn notitieboekje doornemen op zoek naar quotes en aantekeningen. Figuren voor een song.
Neem dan Daniel Johnston eergisteren in Berlijn:
“Are you entertained by deep despair”, “I am going to try to love”, “I took a ride in my car, travelling far, just to see you…” de ene prachtsong na de andere, gezongen met een oprechtheid en urgentie die je kippevel bezorgt. Helaas soms ver te zoeken bij 'smartass' Lou.
En toch, Daniel Johnston is in zekere zin ook een beetje een smartass. Roept er iemand een verzoeknummer: “I lost my mind”. “Then you’ve got to see a doctor.”
Daniel heeft in zijn leven teveel Mountain Dew gedronken en heeft daardoor suikerziekte. Alle frisdrank en snoep wordt dus voor hem verborgen gehouden. Maar als zijn broer even niet oplet graait hij onze hele voorraad mee. Hij herkent zogezegd niemand, en dan plots: “Where’s the sodapop?" En in drie teugen is het flesje geloosd.
Bij de bisnummers kan hij het niet laten om Boris Jeltsin gewijs de violiste van de Beam orchestra te knijpen. Hij heeft wel iets van Boris Jeltsin trouwens. Maar de dag erna vraagt hij haar: “Are you in the band?” Soms denk je dat hij iedereen voor het lapje houdt. En dan die ontroering als hij: “True love will find you…” gaat aanheffen en even niet meer weet waar hij is. “Sorry, spaced out there for a moment… Are we doing another song?” En het dan toch zingt… prachtig.
Het is iets waarvan je als songschrijver hoopt dat je het hebt, en vooral dat je het onderweg niet kwijtgeraakt: een nummer zingen alsof het de eerste keer is. Net gemaakt, of beter nog… als de song zich nog moet zetten, terwijl je er nog aan bezig bent, maken terwijl je het zingt… Daniel Johnston is er een meester in.
In Berlijn zijn we met Tommigun een paar keer in de buurt geraakt. 'Spotlight', 'cage aux ours', 'nightwalk' en 'rabbit ears' waren mooie versies, bijna zoals ze in mijn hoofd ronddwaalden voor ze eruitkwamen. Na de show wij dus tevreden op zoek naar de beruchte Berlijnse nacht.
En inderdaad: Eine kneipe binnengevallen waar een koppel meisjes dj’s draaiden. Ze waren gehuld in respectievelijk wit en blauw latexpak met resp. Wit en zwart Nefertiti kapsel en mixten Siouxsie’s 'Spellbound', the Stone Roses en een rauwe Pj Harvey aan elkaar. Gin und Tonics aan 3 euro en half. Een blonde skategod onder zware invloed, met Rudi Völler kapsel die Kaat even dacht te verleiden door zich ostentatief een paar keer van zijn kruk te laten vallen. Japanse robots, 50’s droïds en mutiny from outer space keken vanaf de wanden op hem neer en een kamergroot Zwitsers berglandschap in de rokersruimte om te compenseren denk ik…
“In a small, small café
we could hear the guitars play
it was very nice
candlelight and Dubonnet on ice
it was very nice,
hey honey, it was paradise…
(uit 'Berlin' van Lou Reed)
